Acts 21:15-25

Sermon  •  Submitted   •  Presented
0 ratings
· 9 views
Notes
Transcript

Op naar Jeruzalem.

Paulus wilde naar Jeruzalem gaan Acts 20:16, voor het vieren van Pinksteren. Shevuot. Wekenfeest. ongetwijfeld was hij op tijd aangekomen. We schrijven het jaar 54 na Christus 21 jaar na de bekende Pinksterdag.

En dan is hij te gast bij Mnason.

Die op die bewuste pinksterdag waarop de Heilige Geest werd uitgestort tot geloof kwam.
Een man uit Cyprus, hoogstwaarschijnlijk een joodse gelovige.
En die liet het zo maar toe dat Paulus met 4 onbesnedenen ( heidenen) bij hem in Jeruzalem mocht logeren.
De man wordt discipel genoemd en niet een apostel… Want hij kwam tot geloof op die Pinksterdag

De kerk in Jeruzalem

Als ze een ontmoeting hebben met de leiders van de kerk in Jeruzalem zien we dat er al vroeg in de kerk in Jeruzalem vervolging heeft plaatsgehad. Die bijzonder plaats waar God zijn Naam aan verbonden heeft. Waar Hij besloot te wonen, waar Hij zijn Geest had uitgestort en de eerste kerk ontstond. In die kerk hadden de apostelen altijd het leiderschap gehad. Acts 2:42
“En zij volhardden in de leer van de apostelen en in de gemeenschap, in het breken van het brood en in de gebeden.”
en Acts 5:2
Acts 5:2 HSV
en hield een deel van de opbrengst achter, ook met medeweten van zijn vrouw, en hij bracht een bepaald gedeelte en legde dat aan de voeten van de apostelen.
Maar nu op deze officiele ontmoeting kwamen al de oudsten samen en Jacobus… Er werden geen nieuwe apostelen aangesteld om de gemeente te Jeruzalem te leiden, maar oudsten. zoals het door heel het nieuwe testament ook beschreven wordt.

De kerk op Aruba

Ook in deze kerk moeten er oudsten / ouderlingen zijn die de kerk leiden. dat is een heilige taak en roeping, er is een groot tekort zowel in de gemeente van de morgendienst als ook de avonddiensten… Men denkt dat 1 man het allemaal maar moet kunnen rooien. Maar dat is ongezond. er zijn leiders en oudsten nodig die de schrift kennen, en vervuld zijn van heilig ontzag voor God met een roeping op hun leven… en opnieuw klinken de woorden van de Heiland: Bidt de Heer van de oogst.... Bidt dat hij arbeiders uitzend… Hoe kan de kerk zonder oudsten bestaan? dat kan niet… Zou God ook hier niet willen voorzien?… Bijbelgetrouwe mannen aan te stellen....

Paulus

Weet je wat ik zo mooi vind aan Paulus? Heel gedetailleerd legt hij uit wat God gedaan heeft… geen grote cijfers en stoere nieuwsbrieven met overtuigende aantallen mensen… Maar preicies en accuraat legt hij verantwoording af… VAN WAT GOD GEDAAN HEEFT.... niks van paulus, niks van ons of wij… redding is een Godswerk… wij zijn enkel instrumenten

Strijd voor de waarheid hoeft niet altijd ten koste te gaan van de eenheid...

Er wordt in Jeruzalem kwaad gesproken… Het zal weer eens niet. Het gaat over Paulus, hij zou de boel langzaam aan kapot maken.. Hij zou zeggen dat de torah niet belangrijk is en dat we ons daar niet aan hoeven te houden… En de Joden die tot geloof gekomen waren hoorden dat Paulus had onderwezen dat dit niet meer hoefde voor de niet joodse gelovigen.
Maar Dit waren Joodse christenen die toegewijd bleven aan de ceremoniële aspecten van de wet. Hoewel ze de wet niet zagen als een middel tot verlossing, namen ze nog steeds de vereiste feesten, sabbatregels, rituele geloften (v. 23) en dieetbeperkingen in acht.
Waarom hielden ze nog steeds vast aan de gebruiken en rituelen van het Oude Verbond?
Ten eerste omdat die gebruiken en rituelen door God waren ingesteld. Het geloof in Jezus Christus versterkte de liefde van deze Joodse gelovigen voor God en hun verlangen om Hem te gehoorzamen en motiveerde hen misschien tot een grotere ijver voor de oude ceremonies.
Ten tweede verzetten de apostelen en andere leiders in de kerk van Jeruzalem zich niet tegen de voortzetting van deze praktijken. Nergens in het Nieuwe Testament worden Joodse gelovigen veroordeeld voor het naleven ervan. In feite beveelt Paulus tolerantie voor zulke "zwakkere broeders" (Rom. 14,1 e.v.; 1 Kor. 8-10) totdat zij hun vrijheid leren begrijpen en deze met een zuiver geweten kunnen gebruiken. Het Concilie van Jeruzalem (Handelingen 15) verbood weliswaar het opleggen van rituelen uit het Oude Verbond aan niet-Joden, maar verbood Joodse gelovigen niet om deze in acht te blijven nemen.
God zelf was tolerant tijdens deze overgangsperiode, omdat Hij wist hoe moeilijk het was voor de Joodse christenen om met hun verleden te breken (zie de bespreking van dit punt in hoofdstuk 12 van dit boek). Hij wist ook dat dit over een paar jaar niet langer een dominante kwestie in de kerk zou zijn. Na de Joodse opstand tegen Rome (66-70 na Christus), die culmineerde in de verwoesting van Jeruzalem, verminderde de invloed van de kerk van Jeruzalem. Het christendom werd geleidelijk een overwegend niet-Joods geloof en andere kerken (zoals Antiochië en Alexandrië) traden op de voorgrond.

En dus kwam er een compromis...

Paulus diende de zwakkeren in het geloof door zich aan hun gewoonten te houden. Onthoud goed, dit was een soort overgangs periode..
Hiervoor deed hij de gelofte van een Nazireeër.
Dit kun je lezen in Num 6
Numbers 6:1-8 (HSV)
De heere sprak tot Mozes: Spreek tot de Israëlieten en zeg tegen hen: Wanneer een man of een vrouw een gelofte aflegt door de gelofte van een nazireeër te doen, om zich aan de heere te wijden, dan moet hij zich van 1 wijn en sterkedrank onthouden; azijn uit wijn of azijn uit sterkedrank mag hij niet drinken; verder mag hij helemaal geen druivensap drinken en 2 geen verse of gedroogde druiven eten. Alle dagen van zijn nazireeërschap mag hij niets eten wat van de wijnstok afkomstig is, van de pitten tot en met de velletjes. 3 Alle dagen van de gelofte van zijn nazireeërschap mag geen scheermes over zijn hoofd gaan. Totdat de dagen waarvoor hij zich aan de heere gewijd had, voorbij zijn, moet hij heilig zijn en de haarlokken van zijn hoofd lang laten groeien. 4 Alle dagen van zijn wijding aan de heere mag hij niet bij het lichaam van een dode komen. Vanwege zijn vader of vanwege zijn moeder, vanwege zijn broer of vanwege zijn zuster, vanwege hen mag hij zich niet verontreinigen als zij gestorven zijn, want het nazireeërschap van zijn God is op zijn hoofd. Alle dagen van zijn nazireeërschap is hij heilig voor de heere.
Related Media
See more
Related Sermons
See more
Earn an accredited degree from Redemption Seminary with Logos.