Onderweg Naar Moriah

Sermon  •  Submitted   •  Presented
0 ratings
· 19 views
Notes
Transcript

De Proef

Gen. 22:1-3 NBV21 – Enige tijd later stelde God Abraham op de proef. ‘Abraham!’ zei Hij. ‘Ja, ik luister,’ antwoordde Abraham. 2‘Haal je zoon, je enige, van wie je zoveel houdt, Isaak, en ga naar het gebied waarin de Moria ligt. Daar moet je hem offeren op een berg die Ik je wijzen zal.’
Als je moet vragen hoeveel het kost, kan je je het niet veroorloven. - J.P. Morgan Jr
Waarom stelt God zijn trouwste dienaar op de proef. Wanneer heel de wereld zondigd, waarom stelt God Abraham en Job op de proef? Wilt hij dat zij zondigen?
Zodat je weet wat er in je hart zit:
Deut. 8:16 hsv - Ook moet u heel de weg in gedachten houden waarop de heere, uw God, u deze veertig jaar in de woestijn geleid heeft, opdat Hij u zou verootmoedigen, en u op de proef zou stellen om te weten wat er in uw hart was, of u Zijn geboden in acht zou nemen of niet.
Om beter karakter uit je te halen:
Rom 5:3 - En dit niet alleen, maar wij roemen ook in de verdrukkingen, omdat wij weten dat de verdrukking volharding teweegbrengt,

Onderweg..

Gen 22:4-5
Op de derde dag zag Abraham die plaats in de verte liggen. Toen zei hij tegen de knechten: ‘Blijven jullie hier met de ezel. Ikzelf ga met de jongen verder om daarginds neer te knielen. Daarna komen we naar jullie terug.’
Heb 11:17–19
Door zijn geloof kon Abraham, toen hij op de proef werd gesteld, Isaak als offer opdragen. Hij die de beloften had ontvangen, was bereid zijn enige zoon te offeren. 18Terwijl er tegen hem gezegd was: ‘Alleen door Isaak zul je nageslacht krijgen,’ 19zei hij bij zichzelf dat het voor God mogelijk moest zijn iemand uit de dood op te wekken, en daarom kreeg hij hem ook terug, bij wijze van voorafbeelding.
Abraham had geloofde in God,
sommige beloftes kan je niet delen met anderen. (abraham geloofde, maar dit idee leek absurd in de ogen van anderen)
Ik weet niet Hoe God het zou doen, maar hij gaat het doen.

Leg Jezelf neer

Ge 22:6–8.
6Hij pakte het hout voor het offer, legde het op de schouders van zijn zoon Isaak en nam zelf het vuur en het mes. Zo gingen die twee samen verder. 7‘Vader,’ zei Isaak. ‘Ja, mijn zoon, ik luister,’ antwoordde Abraham. ‘We hebben vuur en hout,’ zei Isaak, ‘maar waar is het lam voor het offer?’ 8Abraham antwoordde: ‘God zal zich zelf van een offerlam voorzien, mijn zoon.’ En zo gingen die twee samen verder.
Alles moet op de tafel liggen in onze relatie die we met God hebben.
Joodse traditie geeft Isaak een grotere rol in de Aqedah dan de christelijke traditie, die heeft gefocust op Abrahams gehoorzaamheid en Gods trouw (1995, 100). Hamilton concludeert dat Isaak "groot en sterk genoeg was om het hout te dragen, maar jong genoeg om een kinderlijke vraag te stellen" (1995, 109).
Het verhaal van Abrahams offer wekt speculatie over Isaacs leeftijd, medeplichtigheid en bewustzijn van wat er gebeurde. De tekst is stil over elk van deze kwesties en richt zich in plaats daarvan op Abrahams daden. Commentatoren die Isaacs rol in dit evenement bespreken, merken over het algemeen op dat hij oud genoeg was om hout te dragen voor een reis van drie dagen (Mathews 2005, 289) en daarom ongetwijfeld in staat zou zijn geweest om zijn oude vader te weerstaan (Waltke 2001, 302). Anderen noemen hem "jong genoeg" of naief genoeg om zijn kinderlijke vraag over het lam te stellen (Hamilton 1995, 109). Hamilton (1995, 100) merkt echter op dat volgens de Joodse traditie Isaac 37 jaar oud was ten tijde van het offer.
Isaac is een voorafschaduwing van Christus
John 10:18
Niemand neemt het Mij af, maar Ik geef het uit Mijzelf; Ik heb macht het te geven, en heb macht het opnieuw te nemen. Dit gebod heb Ik van Mijn Vader ontvangen.
Jezus werdt vastgebonden maar gaf zichzelf.
Isaac en Jezus droegen beiden hun kruis.
Ge 22:10–14.
10Toen pakte hij het mes om zijn zoon te slachten. 11Maar de engel van de HEER riep vanuit de hemel: ‘Abraham, Abraham!’ ‘Ja, ik luister,’ antwoordde hij. 12‘Raak de jongen niet aan, doe hem niets! Want nu weet Ik dat je ontzag voor God hebt: je hebt Mij je zoon, je enige, niet willen onthouden.’ 13Toen Abraham om zich heen keek, zag hij achter zich een ram, die met zijn hoorns verstrikt was geraakt in de struiken. Hij pakte het dier en offerde dat in de plaats van zijn zoon. 14Abraham noemde die plaats ‘De HEER zal erin voorzien’. Vandaar dat men tot op de dag van vandaag zegt: ‘Op de berg van de HEER zal erin voorzien worden.’
Op de berg was het ook voorzien

Einde

2 Ch 3:1
Toen begon Salomo het huis van de heere te bouwen, in Jeruzalem, op de berg Moria, waar de heere aan zijn vader David verschenen was, op de plaats die David bepaald had, op de dorsvloer van Ornan, de Jebusiet.
We moeten onzelf veroorlochen, en het voorbeeld van Jezus volgen.
offer - Zelfstandignaamwoord
1. een gave aan een godheid
♢ Op die dag werden offers gedaan.
2. alles wat men met zelfverloochening afstaat
Mt 16:24–26.
Toen zei Jezus tegen Zijn discipelen: Als iemand achter Mij aan wil komen, moet hij zichzelf verloochenen, zijn kruis opnemen en Mij volgen.
25 Want wie zijn leven zal willen behouden, die zal het verliezen; maar wie zijn leven zal verliezen om Mij, die zal het vinden.
26 Want wat baat het een mens, als hij heel de wereld wint en aan zijn ziel schade lijdt? Of wat zal een mens geven als losprijs voor zijn ziel?
Leiden door voorbeeld is het krachtigste advies dat u iemand kunt geven. - N.R. Narayana Murthy
Jezus deed dingen niet enkel om een doel te bereieken in het moment, maar om ons te leren.
We leren door Jezus wat agape is.
Je kan niet vertellen wat agape is, maar enkel tonen.
Onderweg naar Moriah, Jezus en Isak hebben dit ook gemeen, na hun dood vonden ze hun bruid. En die bruid veroorloochde alles wat hun hadden om tot hun bruidegom te komen.
2 Sa 24:18–24.
Diezelfde dag kwam Gad bij David en zei tegen hem: ‘Ga naar de dorsvloer van de Jebusiet Arauna en richt daar voor de HEER een altaar op.’ 19David ging naar boven zoals de HEER hem bij monde van Gad had bevolen. 20Toen Arauna de koning en zijn gevolg zag naderen, ging hij hun tegemoet en knielde voor de koning neer. 21‘Wat is de reden van uw komst, mijn heer en koning?’ vroeg hij, en David antwoordde: ‘Ik wil van u deze dorsvloer kopen om er een altaar te bouwen voor de HEER, zodat het volk van deze plaag wordt verlost.’ 22Arauna zei: ‘Neem toch wat u voor uw offer nodig hebt, mijn heer en koning. Alstublieft: mijn runderen voor het brandoffer, en hun juk en de dorsslede kunnen dienen als brandhout. 23Dit alles schenk ik u, mijn heer.’ En hij voegde eraan toe: ‘Moge de HEER, uw God, u goedgezind zijn.’ 24‘Nee,’ antwoordde de koning, ‘ik wil ervoor betalen. Ik ga niet de HEER, mijn God, een brandoffer brengen dat me niets heeft gekost.’ Daarop kocht David de dorsvloer en de runderen voor vijftig sjekel zilver,
Moriah is waar David zei dat hij niets aan de heer gaf dat hem niets heeft gekost.
Moriah = Gezien door Jah
de bijbel zegt De HEER schonk aandacht aan Abel en zijn offer, 5maar aan Kaïn en zijn offer niet.
Moriah de plek waar abel het beste gaf, wat hem koste,
//// Holy Ghost///
Related Media
See more
Related Sermons
See more
Earn an accredited degree from Redemption Seminary with Logos.