Ik geloof… Heere, kom mijn ongeloof te hulp! (2)
Sermon • Submitted • Presented
0 ratings
· 7 viewsNotes
Transcript
Introductie
Introductie
Wanneer jij luistert naar een preek over bijvoorbeeld bidden zonder ophouden, wat is dan je eerste interne reactie?
Mijn reactie is gelijk: Kinsoen, je moet meer je best doen. We gaan elke dag proberen te bidden voor 30 dagen. We gaan eerder, om tijd vrij te maken voor gebed. Ik maak gelijk een plan. Het lijkt alsof ik de project manager ben van mijn eigen geestelijk leven.
Vaak neigen we wanneer wij de waarheid horen, en we veroordeeld (convicted) raken (door de Heilige Geest), het zelf te willen oplossen.
Maar als Christenen hoort ons eerte impuls te zijn dat we het naar God brengen: God het lukt mij niet, HEERE help mij. Als je een preek hoort over gebed. Bidden God ik heb echt geen zin om te bidden verander mij dat ik meer wil bidden. Ik heb geen zin om naar de kerk te gaan, God verander mijn hart aub. God, ik vind het moeilijk om in U te geloven, help mij aub.
We zijn snel geneigd om het zelf op te pakken ipv te bekeren tot God. Vooral voor lang gelovigen…
Maar God wil niet dat we onze zwaktes zelf oplossen, maar dat we ze eerlijk brengen naar God toe en beseffen dat we Hem nodig hebben.
Dit principe vinden we terug in een roep om hulp van een wanhopige vader naar Jezus. “Ik geloof… Heere! Kom mijn ongeloof te hulp!”
Een heel eerlijk gebed: ik geloof in u, maar ik heb nog heel veel twijfels en ik erken dat. Wilt u mij helpen ondanks mij zwakke geloof?
We gaan vandaag kijken wat we moeten doen met onze twijfels, onzekerheden, zwakheden in het geloof.
Ik wil je vandaag laten weten dat jij je niet perfect hoeft op te stellen voor God, maar dat je echt eerlijk bij Hem mag zijn. Laten we kijken naar Gods Woord.
14 En toen Hij bij de discipelen gekomen was, zag Hij een grote menigte om hen heen en enige schriftgeleerden, die met hen aan het redetwisten waren. 15 En meteen toen heel de menigte Hem zag, waren zij ontdaan, en zij snelden naar Hem toe en begroetten Hem. 16 En Hij vroeg aan de schriftgeleerden: Waarom redetwist u met hen? 17 En iemand uit de menigte antwoordde: Meester, ik heb mijn zoon bij U gebracht, die een geest heeft die maakt dat hij niet kan spreken. 18 En waar hij hem ook aangrijpt, werpt hij hem tegen de grond, en het schuim staat hem op de mond en hij knarst met zijn tanden en verstijft; en ik heb tegen Uw discipelen gezegd dat zij hem moesten uitdrijven, maar zij konden het niet.
Context:
Deze situatie speelt zich pal na de transfiguratie
Zie hier de bekende schilderij van Raphaël die hangt in de Vatican.
Raphaël zet een scherp contrast neer tussen de berg van transfiguratie, waar Jezus werd verheerlijkt, en de onrustige wereld die Hem beneden te wachten stond.
Sterk contrast: Van glorie naar schaamte; een berg top en diepe dal; licht en duisternis. In ons eigen Christelijk leven hebben we ook ups and downs. Maar in deze twee situaties is God uiteindelijk verheerlijkt.
Jezus kwam beneden met zijn 3 discipelen, en hij trof daar een grote menigte met schriftgeleerden die aan het discusiëren waren, een radeloze vader, een door een demon bezeten jongen, en verslagen discipelen die hadden gefaald.
Zij waren niet in staat om de demon uit te drijven en de jongen te genezen. Dat gaf dan de schriftgeleerde een aanleiding om te redetwisten. “Ze waren niet in staat om te genezen, zie je wel dat Jezus autoriteit faald…” Misschien om de authoriteit van Jezus in twijfel te brengen of misschien zelfs om hen te spotten vanwege hun mislukking.
Breng al je problemen bij Jezus
Jezus zei: “O ongelovig geslacht, hoelang zal Ik nog bij u zijn? Hoelang zal Ik u nog verdragen? Breng hem bij Mij.” (Mark 9:19)
De discipelen faalde door ongeloof om de wanhopige vader te helpen. Jezus zei niet: probeer harder. Hij zegt “breng hem bij Mij”.
Dat is een uitnodiging die onze Here Jezus ons nogsteeds elke dag geeft: “breng hem bij MIJ”. -> Breng het onoplosbare probleem bij Mij, laat het los, geef het aan Mij.
Hoeveel pijn zou de vader wel niet moeten hebben om zijn zoon zo te zien… Wanneer jij niet zelf lijdt, maar dichtbij iemand staat die lijdt, ervaar je een eigen vorm van pijn. Niet de fysieke pijn, maar de machteloosheid…
Misschien heb je dan net als deze vader alles geprobeerd, zelfs hulp gezocht bij Christenen, zoals de vader hulp zoekt bij de discipelen in dit verhaal, maar hebben ze je ook gefaald. Breng het dan bij Jezus.
In het bijzonder ook een uitnodiging naar de ouders: kinderen zijn een kostbaar geschenk van God, maar ze brengen ook veel zorg en spanning mee. Soms zie je ze pijn leiden door de keuzes die ze maken en het breekt je hart.. Maar dan zijn de woorden van Onze grote Heelmeester: “breng hem bij Mij” een prachtig uitnodiging voor ons ieder. Stop nooit om voor je kinderen te bidden.
Geen situatie of probleem is te groot of te hopeloos zolang Jezus leeft.
Dat is de eerste les: “Breng AL je problemen bij Jezus”
Simpel, maar belangrijk.
Je pijn, verdriet, je twijfels, je hoeft ze niet zelf te dragen, geef ze over aan Jezus in gebed.
De HEERE drijft ons soms in een hoek, zodat we geen uitweg meer zien — zoals die vader — opdat we diep gaan beseffen hoeveel wij Hem nodig hebben. “Het einde van de mens, is het begin van God”
Toen zij het zieke jongen brachten bij Jezus, begon hij meteen stuip te trekken en schuimbekken. (Mark 9:20)
Vaak wanneer wij iemand brengen naar Jezus, dan zie je dat satan ook gaat tegenwerken. Hij wil er alles aan doen om dat tegen te houden, maar Satan is machteloos tegenover Jezus.
Hoe pijnlijk moest het wel niet zijn voor de vader om zijn zoon zo te zien?
Te midden van al de CHAOS bleef Jezus KALM en vroeg Hij aan zijn vader: “Hoelang is het al dat dit hem overkomt?” (Mark 9:21)
Je kan snel over deze vers heen lezen, maar dit is een van mijn favoriete moment van het verhaal. Waarom stelt Jezus deze vraag? Heeft Hij deze informatie nodig? Nee. Hij weet alles.
Hoelang de jongen ziek is heeft niks te maken met of Jezus hem kan genezen of niet. Waarom stelt Jezus deze vraag dan?
Jezus wil de pijn horen van de vader. Hij wilde dat de vader zijn verhaal vertelde. Waarom? Omdat die vader niet tot een kracht kwam, maar tot een Persoon.
De wonderen van Jezus laten zien hoeveel compassie God heeft. Christus geeft om mensen. Hij geeft om jou pijn en lijden. Hij geeft om de worsteling met je kinderen. Hij geeft om wat je hart breekt. En Hij wil het horen.
We vragen hulp niet bij een onpersoonlijke kracht — maar een Persoon. Het is niet dat we vragen aan een afgodsbeeldje voor zegeneningen, nee in onze gebeden ontmoeten wij een persoonlijke God die compassie aan ons wil tonen.
Jezus vroeg dit niet voor informatie, voor de menigte, nee, het was voor dat de vader zijn hart kon luchten. Want Jezus is een meelevende en barmhartige Hogepriester - is Hij dat niet? - die bewogen wordt door onze zwakheden. Hij gaf de vader ruimte om onder woorden te brengen wat hij had doorgemaakt.
Dus hou niet al je probleem zelf vast, hoor onze Barmhartige Redder roepen: “Breng hem bij Mij”. Ervaar Gods ontferming en barmhartigheid wanneer jij AL je lasten bij Hem brengt.
Breng je twijfels in eerlijkheid bij Jezus
Vanuit zijn wanhoop wendt de vader zich tot Jezus en zegt: “maar als U iets kunt, wees dan met innerlijke ontferming bewogen over ons en help ons.”
Dit is geen krachtige, zelfverzekerde gebed. Hij zegt niet: “Jezus, ik geloof dat U dit kunt. Ik vertrouw op Uw kracht.” Maar hij zegt aarzelend: als U iets kunt…
Ondanks zijn twijfels, bracht hij het tóch bij Jezus.
Dan draait Jezus het om: het gaat niet om de vraag of Ík het kan, maar of u kunt geloven. Want alle dingen zijn mogelijk voor wie gelooft.
Soms zetten wij onze “als” op de verkeerde plek. Leg jouw ‘als’ niet bij Jezus neer, maar bij jezelf.
Je weet misschien dat iets Gods wil is voor je leven — en toch twijfel je. Dan heb je je ‘als’ verkeerd geplaatst.
“Als” Jezus mij kan helpen - “Als” Jezus mij genoeg genade geeft om deze zonde te overwinnen - “Als” Jezus mij kan vergeven
Nee, het is: “Als” jij gelooft. Jezus kan het en Hij wil het doen, maar geloof jij dat?
De vader antwoordt niet met volle zekerheid, maar roept onder tranen:“Ik geloof, Heere! Kom mijn ongeloof te hulp.”
Dat is pas een eerlijk en oprecht gebed. Jezus vraagt geen perfect geloof, maar de eerlijke erkenning dat wij het zelf niet kunnen. Zelfs het geloven lukt mij niet roept de vader
Geen hart dat het zelf probeert op te lossen of zich groter voordoet dan het is, maar een hart dat met al zijn zwakheid en twijfel open en eerlijk naar God gaat.
Ik wil je laten weten dat je jezelf niet eerst mooi hoeft in te pakken om tot God te komen in gebed. Je mag gewoon als jezelf naar Hem toe gaan.
Je mag twijfelen maar los het niet zelf. Breng het bij God. Onze Heere Jezus komt je werkelijk tegemoet.
Vaak komen wij niet als een trotse leeuw die brult in de jungle, maar als een kreupel lam dat naar de herder strompelt… en juist zulke mensen wijst Hij niet af.
Dat is de tweede les: Breng je twijfels/zwakheden in eerlijkheid bij Jezus
Je mag je kwetsbaar opstellen tegenover Hem, zonder maskers, je echte ik.
We mogen leren zeggen: Ik geloof in U, maar ik heb nog heel veel twijfels en ik erken dat. Wilt u mij helpen ondanks mij zwakke geloof?
Een jongen waar ik mee had gesproken had een jaar lang de bijbel gelezen en was diep opzoek naar God. Hij vertelde mij dat hij echt een perfectionist was en alles wat hij altijd 100% wil doen. Hij vertelde mij dat hij veel moeite had om te geloven en Jezus aan te nemen als redder en Heer. Hij vond zichzelf niet goed genoeg, dat hij niet genoeg de bijbel heeft gelezen, hij niet genoeg kennis heeft, en in zijn hart nog niet 100% gelooft. Ik vertelde hem: er is geen perfecte geloof… maar dat is juist waarom je een redder nodig hebt. Zelfs het geloven lukt je niet, legt dat neer bij God en vraag Hem om hulp. En dat moment bracht het hem tot besef: het geloven probeer ik op mezelf allemaal te doen, maar dat gaat mij nooit lukken. Ik moet God vragen om hulp, en erkennen dat ik het zelf echt niet kan. En dat waar zijn bekering begon.
Het is onszelf zwak opstellen t.o.v. God en Hem om hulp vragen.
Ik geloof dat de sterkste Christenen diegene zijn die het meest beseffen hoe zwak zij zelf zijn. En bij elk zwakheid het eerlijk brengen bij Jezus.
Spurgeon - God does not need your strength: he has more than enough of power of his own. He asks your weakness: he has none of that himself, and he is longing, therefore, to take your weakness, and use it as the instrument in his own mighty hand.
2 Cor. 12:9 “Maar Hij heeft tegen mij gezegd: Mijn genade is voor u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Daarom zal ik veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij komt wonen.”
Dat is het Christelijke leven. Elke dag beseffen dat je Christus nodig hebt.
Ook als gelovige die al langer geloven, een vraag voor jou: als jij een moeilijkheden tegekomt, of als de Heilige Geest overtuigt over jou zonde, pak jij het dan zelf gelijk op? Of leg jij eerst je zwakte neer bij God, en erken jij dat je het niet kan en Zijn hulp nodig hebt. Bekering en elke dag je zwakheid bij God neerleggen en vragen voor hulp is waar heiliging start.
Mark 9:25–27 “25 En toen Jezus zag dat de menigte samenstroomde, bestrafte Hij de onreine geest en zei tegen hem: Geest die maakt dat men niet kan spreken en die doof maakt, Ik beveel u: ga uit hem weg en kom niet meer in hem terug! 26 En onder geschreeuw en hevig stuiptrekken ging hij uit hem weg; en de jongen werd als een dode, zodat velen zeiden dat hij gestorven was. 27 En Jezus pakte hem bij de hand en richtte hem op; en hij stond op.”
Jezus luisterde naar de eerlijke roep om hulp van de vader en genas de jongen. Hij beval de demon om de jongen te verlaten. En de jongen begon te stuipstrekken en te schreeuwen, en dan was het stil. We weten niet hoelang… en de jongen werd als een dode, zodat ook de menigte naar elkaar fluisterde: “hij is dood”…
Maar juist dan strekt Jezus zijn hand uit. Iets wat in de ogen van de mens al dood lijkt, geen hoop, te laat. Jezus pakte hem bij de hand en richtte hem op; en hij stond op.
Luke 9:42 Lukas voegt toe: “Jezus gaf de jongen terug aan zijn vader.” Wat een tederheid, wat een mooi beeld.
Niks is te ver voor Jezus, breng alles naar Hem toe. En dat hoeft niet met volledige overtuiging of perfect geloof. Maar juist in nederigheid en eerlijkheid, breng je zwakheden en twijfels bij Jezus.
Vaak ervaren wij zijn genezing of helpende hand niet, omdat we het eerst op onze eigen kracht oplossen. Maar juist mogen we net als deze vader leren bidden: Ik geloof, Heere! Maar… Kom mijn ongeloof te hulp.
Breng je falen bij Jezus
De discipelen faalden — en het bleef niet verborgen. Ze werden bespot, en door hun mislukking kwamen zelfs Jezus’ gezag en missie ter discussie te staan. Dat riep ook bij henzelf twijfel en onzekerheid op.
Daarom vroegen zij, toen ze na de genezing alleen waren met Jezus: “Waarom hebben wij hem niet kunnen uitdrijven?”
Het is goed, om wanneer we hebben gefaald, te reflecteren en jezelf vragen te stellen.
Introspectie (zelfonderzoek) is een gezonde geestelijke oefening wanneer het ons helpt onze zwakheden onder ogen te zien en onze beperkingen eerlijk te erkennen.
Maar wees dan niet teleurgesteld in jezelf, maar breng je falen naar Jezus! Dat is onze derde les van vandaag.
Ik kan wanneer ik faal echt heel erg hard op mezelf zijn en heel teleurgesteld raken in mijzelf.
Iets wat ik heb gelezen wat mij erg helpt: “Honest self-examination is one thing, but brutal inspection only opens the way for the devil to start accusing you”. Dus i.p.v. het bij jezelf te houden -> breng het bij Jezus! Vraag Jezus de vraag net als de discipelen.
Wees nederig en laat je door Hem onderwezen worden.
Mark 9:29 En Hij (Jezus) zei tegen hen: Dit soort kan nergens anders door uitgaan dan door bidden en vasten.
Waarom faalde ze? Omdat zij waren vergeten te bidden en afhankelijk te zijn van God. Ze bouwde veel meer op hun eigen kracht, hun eigen ervaring, misschien op hun successen in het verleden dat zij in staat waren om demonen uit te drijven.
Voor elk wonder wat we hopen dat God in ons leven doet, moeten we afhankelijk zijn van de HEERE.
Zoals evangeliseren, we kunnen niet bouwen op onze eigen goede manier van spreken, of onze mooie evenement, nee het is de kracht van God! En dat gebeurt alleen door gebed! Gebed is de deur naar Gods kracht!
Dat is alles wat Markus vermeldt, maar we mogen dankbaar zijn voor wat Mattheüs daaraan toevoegt aan de antwoord van Jezus. Zie Matthew 17:20 “20 Jezus zei tegen hen: Vanwege uw ongeloof, want voorwaar, Ik zeg u: Als u een geloof had als een mosterdzaad, u zou tegen deze berg zeggen: Verplaats u van hier naar daar! En hij zou gaan, en niets zou voor u onmogelijk zijn.”
God vraagt ons niet om groot geloof te hebben in onszelf, maar geloof te hebben als een klein mosterdzaadje, in een almachtige grote God! Klein geloof in een grote God leidt tot grote dingen!
Weet je wat misschien wel het mooiste voorbeeld is van geloof als een mosterdzaad? Het gebed van de vader (Markus 9:24): “Ík geloof, Heere! Kom mijn ongeloof te hulp.”
Een geloof vermengd met twijfels, maar in nederigheid en eerlijkheid gebracht bij onze barmhartige Jezus.
Een diepe erkenning dat je het zelf niet kunt…en dat je God nodig hebt om dat kleine beetje geloof dat je hebt overvloedig aan te vullen.
Heb jij dit geloof? Of blijf je alles zelf doen? Laten we samen bidden.
