God gaat zijn ongekende gang
Notes
Transcript
Geliefde gemeente van onze Heere Jezus Christus,
Ik weet niet hoe het u verging tijdens de schriftlezing, maar ikzelf ervoer toch wel enige spanning tijdens het lezen van het schriftgedeelte van vanochtend. Op het moment dat woorden als overspel klinken, ontstaat er een bepaalde zwaarte. Het zijn beladen woorden die een wereld aan associaties oproepen. De tekst is, om het zo te zeggen, gewichtig. Het appeleert aan zware en beladen dingen.
En je kunt zeggen: moet dat nu, moet het zo beladen worden? Kunnen we niet gewoon stilstaan bij een mooie troostvolle Psalm? Nou dat kan ook. Misschien een volgende keer. Maar het is ook goed om de spanning op te zoeken. De profeten uit de bijbel hebben deze en andere woorden niet per ongeluk uitgesproken. Juist heftige, confronterende woorden en beelden zijn bedoeld om bij mensen binnen te dringen. Ze roepen wakker uit het gewone leven van alledag, waarin je makkelijk in slaap gesust wordt en niet meer scherp ziet.
En zo mogen we vanochtend luisteren naar de profetie van Hosea. Ik heb als thema gekozen: God gaat Zijn ongekende gang. En het is mijn hoop dat deze oude woorden ons samen in beweging zetten vanochtend.
—
Wat hebben we nu gehoord zojuist? Nu, het verhaal zit niet zo moeilijk in elkaar. Hosea is een profeet die in het noordrijk profeteerde, vlak voordat het rijk in ballingschap gevoerd werd en ten onder zou gaan. Hij krijgt van God de opdracht om met een prostituee te trouwen. Dat hebben we in hoofdstuk 1 gelezen. Hij moet dat doen om iets uit te beelden. Met dit huwelijk wordt aan Hosea’s volksgenoten iets zichtbaar gemaakt. Wat dat is, daar kom ik zo op terug. In hoofdstuk 3 krijgt Hosea nu de opdracht om een overspelige vrouw lief te hebben. We lezen dat Hosea luistert naar deze opdracht door de vrouw te kopen. Leg je hoofdstuk 1 en 3 naast elkaar, dan zie je dat Gomer, zo heet de vrouw, Hizkia blijkbaar verlaten heeft. Het hoe en wat, dat is niet bekend. En blijkbaar is ze slaaf geworden van iemand, of heeft ze schulden, en moet Hosea haar vrijkopen.
Dat schuurt
Bizar verhaal, niet? Deze Gomer zelf lijkt helemaal geen stem te hebben. Ze wordt door Hosea gekocht. Ze is weggelopen, en wordt weer teruggekocht. Heeft zij hierin niets te willen? En is het wel eerlijk dat zij hier als de schuldige afgeschilderd wordt? Alsof vrouwen in de prostitutie geheel vrijwillig voor zo’n leven kiezen…
Broeders en zusters, begrijpelijke vragen. Zeker voor mensen zoals wij. Wij hechten waarde aan ieders leven, de gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen… en dan klinkt dit verhaal je maar zo raar in de oren. Juist hierom is het belangrijk goed op te letten wat hier nu eigenlijk gebeurt.
Eigenlijk gaat het hier over heel existentiële, herkenbare thema’s. Trouw en ontrouw. Liefde die onbeantwoord blijft. (In Trouw:) Neem Tom, 45 jaar. Hij woont samen met Sophie, een vrouw met wie de relatie vlak is geworden. De gesprekken zijn oppervlakkig, de intimiteit verdampt. Maar met Eva, zijn tweede liefde, voelt hij zich opnieuw gezien. Hij lacht meer, leeft meer. Toch blijft hij. Niet omdat hij het niet weet. Maar omdat hij niet weet of hij het durft.
Bekijk het verhaal door deze lens. De dynamiek van liefde, trouw, ontrouw. Hierin komt veel samen: wie ben ik, wie maakt mij gelukkig, hoe ga ik om met beloften, met trouw, wat doe ik als de ander ontrouw is… Over deze thema’s gaat het in Hosea. En dan niet vanuit ons perspectief, en niet over de verhouding tussen liefdespartners, maar over de verhouding tussen God en de mens. Hosea en Gomer, hun huwelijk, de breuk daarin en het herstel daarvan gaan niet zozeer over menselijke huwelijken, het is beeld van God en de mens.
Ons begrip van trouw
De feministische schrijfster Benoite Grould schreef eens: ‘Soms moet je anderen ontrouw kunnen zijn om jezelf niet ontrouw te zijn’. Klinkt best heftig, maar ergens zit er ook wel iets heel logisch in. Ik moet toch voor mijzelf zorgen? Mijzelf zijn? Zorgen dat ik op mijn plek ben in mijn relatie, tot bloei kom, etc… Ik zeg niet dat daar geen kern van waarheid inzit. Maar kun je trouw zijn aan jezelf door anderen ontrouw te zijn?
En hoe zit dat eigenlijk ten opzichte van God? Geldt daar ook? God ontrouw zijn, door trouw te zijn aan jezelf? En omgekeerd, kan God ook zichzelf ontrouw zijn als Hij ons trouw blijft?
Gods gang (1)
Laten we eens inzoomen op de rol van de HEER in dit verhaal. Hij heeft de Israëlieten lief, hoewel zij zich op andere goden richten. Dat is dus precies die dynamiek van trouw, liefde, overspel. De tijd van de eerste liefde, de verbondssluiting, en… Israëls ontrouw. En nu?
Dan neemt Hij forse maatregelen. (4) Zo zullen de Israëlieten geruime tijd verstoken blijven van koning en leiders, van offers en gewijde stenen, van orakels en huisgoden. Oftewel: een tijd van verwoesting. Geen regering meer. Geen godsdienst. Geen afgoden ook. Misschien moet je wel aan de ballingschap denken die eens komen zou. Dat is superheftig. Een soort mix van vluchteling-zijn en slaaf. Vluchteling omdat je eigen land verwoest is. Je huis en haard. En slaaf, omdat je zelf geen regie meer over je eigen leven hebt. Dat gaat er gebeuren. De HEER kondigt het aan. En in het leven van Gomer moet dat ook zichtbaar worden. Hosea zegt tegen haar: “Je zult geruime tijd in huis moeten blijven, je zult geen overspel kunnen plegen en je met geen man inlaten. Ook ik zal niet met je slapen”.
Israëls afgoderij
Wat was er met die Israëlieten aan de hand dan? Nou, ze dienden de afgoden. Waarzeggerij, om de toekomst te weten. Op andere landen vertrouwen voor de binnenlandse veiligheid. Godenbeelden. Vijandig richting profeten die ze Gods woorden voorhoudt. “Ze zijn hun kater nog niet kwijt of ze vluchten naar de hoeren”. “Het is een en al meineed en bedrog, niets dan moord, diefstal en overspel; het ene bloedbad volgt op het andere.” In Hosea komt een diep geraakte God naar voren. Want Israël en Hij, ze hadden een relatie. Hij had Abraham uitgekozen. Hij had het volk geleid uit Egypte. Hij had ze alles gegeven wat nodig was. Hij verlangde ernaar dat Israël zou luisteren, samen met Hem zou leven. Voorspoed, heil, geluk en veiligheid van Hem zou ontvangen en niet zou zoeken bij de goden. Maar het pakte anders uit. Gods hart spreekt in Hosea. Gekwetst. Meer dan eens valt het woord overspelig. Ik zei al: een gewichtig woord. Maar zó is het voor God. Die lading heeft het.
Onze plek in het verhaal; onze afgoderij
En nu wij. U, jij, ik. Waar voegen wij in, in dit verhaal? Aan de kant van ‘trouw’? Of aan de kant van ‘ontrouw’. Dat laatste heeft meerdere dimensies bij Hosea. Ontrouw, dat uit zich in: onrecht doen, ten opzichte van andere mensen, dieren, de schepping. Oneerlijk zijn. De waarheid geweld aandoen voor financieel gewin. Je partner ontrouw zijn. Maar daarachter zit: God ontrouw zijn. Want dan zijn die dingen je afgod geworden, waar je hulp van verwacht. Liegen, bedriegen - je hebt het nodig om jezelf te handhaven, om meer geluk te vinden. Uitbuiting, direct of indirect, blijkbaar kun je er niet zonder. Bezit, genot, lust - is dat je god?
Waar voegen wij in? Als ik zelf eerlijk ben: trouw is voor mij een belangrijke waarde, maar terugkijkend op mijn leven ben ik niet altijd een mens uit een stuk geweest. Te vaak ging trouw blijven aan mijzelf ten koste van de trouw aan de ander - de trouw aan God Zelf. En is dat bij u of jou anders? Is het niet zo dat we allemaal diep van binnen ons eigen ik op de troon hebben zitten. Willen we er niet aan, leven van Gods zorg, goedheid, genade. Concurreren we liever met anderen om de plek van ‘god’ dan dat we Hem eren en verheerlijken die op de troon hoort te zitten.
Gods gang (2)
Laten we dus maar invoegen in het kamp Gomer. En we hoorden net al even wat er met haar ging gebeuren. Teruggekocht. Maar ook: opgesloten in huis. Blijkbaar nodig, want Hosea zegt ook dat ze geen overspel meer met een andere man kan plegen. Dat wilde ze dus wel. Maar ook hijzelf gaat niet met haar naar bed.
En dat wordt als beeld gebruikt, voor Israël dat het zonder regering moet doen, zonder religie, zonder afgoden. Sommige dingen daarvan zijn goed, andere niet. Maar ook goede dingen kunnen te grote dingen worden, tot afgod verworden.
En zo gaat Gomer, zo gaat Israël een moeilijke tijd in. Een tijd van gevangenschap. Onthouding. Afzien, ook van het goede, het lekkere, het mooie. Een woestijntijd. En wij? Kan ons dat ook overkomen? Misschien herken je het. Dat je het meemaakte, dat je de woestijn ingedreven werd. Dat je veel moest missen, ook dingen die het leven voor jou mooi maakten. Misschien zit je er wel middenin. Een tijd van afzien, onthouding.
En we moeten heel voorzichtig zijn. Want God is niet na te rekenen. Maar toch. Op basis van deze profetie mogen we zeggen: God gaat zijn ongekende gang. En die gang kan ook door de woestijn heen leiden. Misschien is er wel zonde geweest, misschien heb je zonder God geleefd. Of je diende Hem in naam, voor de vorm, je kwam wel in de kerk, maar…
De woestijntijd van Gomer en Israël moet je nu niet zien als: God is boos, God straft. God is gekwetst, geraakt. Ook door jouw ontrouw. Maar Hij laat het er niet bij zitten! Zo is Hij ook. De woestijntijd heeft een doel. Onbegrijpelijk misschien. Veel vragen. En toch: God gaat zijn ongekende gang...
Doeltreffend
V5: “Dan zullen ze tot inkeer komen en weer verlangen naar de HEER hun God, en hun koning David; zo zullen ze zich uiteindelijk vol ontzag aan de HEER en zijn goedheid onderwerpen. Het zoeken van God is het zoeken van Israël geworden. De NBV vertaalt dat mooi met verlangen. Het is net als nu, in de hete dagen. Ik was vrijdagavond in een snackbar. Medelijden met de medewerkers. Zo heet, en druk dat ze het hadden. Boven die hete frituur… Ik kan me voorstellen hoe dorstig deze mensen waren. En wat is een glas koel water dan lekker. Wat ga je dan verlangen. Klein voorbeeldje van wat een oud spreekwoord al zegt: ontberen doet begeren. Zo ook hier. Als Israël alles afgenomen wordt, zelfs de door God Zelf geboden religie van offers, dan zullen ze gaan verlangen, en zich zelfs tot God wenden.
En ook: scherper zien. Als de afgoden je in de steek laten, dat je ziet waar je heil en geluk echt vandaan komt. Hs. 2: Ik ga terug naar mijn eigen man, want toen had ik het beter dan nu.
Dat is dus de ongekende gang van God. Zijn heilige pedagogiek. En Hij is toch niet veranderd? Dus ja: woestijntijden in jouw leven kunnen misschien wel bedoeld zijn om je verlangen naar Hem op te wekken, om aan te zetten tot bekering misschien wel. Vol ontzag, je toewenden naar God.
Zien we dat ook niet gebeuren? Ontkerkelijking is mega in Nederland. Steeds minder gelovigen. Maar wat zie je? Mensen zoeken. Jongeren worden christelijk. Mensen kunnen niet zonder zingeving. Kerken worden gesloten en mensen gaan verlangen. Wat zou het geweldig zijn als dit doorgaat, als er in Nederland een opleving komt. Hoeveel mensen die zeiden ook niet: het was niet leuk, het was heel moeilijk, maar nooit was God dichterbij dan toen...
Oproep tot bekering (1)
En laat ik er maar gewoon bijzeggen vanochtend, dat dit niet optioneel is. Kijk, in een gewone liefdesrelatie kun je zeggen dat liefde vrijwillig van twee kanten moet komen. Je kunt een ander niet dwingen met je te trouwen. Hier is dat anders, want God en mens zijn niet gelijk aan elkaar. God is de Almachtige, onze maker, onze schepper. We zijn aangelegd op een verbinding met Hem, en wij hebben het recht niet om een andere weg te kiezen. Zoals je er niet voor koos om geboren te worden, zo heb je er ook niet voor gekozen om in Gods verbond opgenomen te worden. Dat klinkt je misschien wel massief in de oren, hard, beklemmend. Maar dat is ook wel een beetje onze tijd he. Ik creëer mijn eigen identiteit. Ik kies wie ik ben. Mijn gevoel bepaalt wie ik ben. Nou ja… En vind je dit moeilijk (en ik wel een beetje hoor....)
Zie dan toch het hart van God.
Christus: het hart van God zichtbaar gemaakt
Hoe? Kijken naar Hem, Jezus Christus. Hij kwam op aarde. Hij kwam om te delen in ons sterfelijke bestaan. Hij kwam om mee te lijden met allen die ziek waren, gebonden, gebukt gingen onder schuld. Hij ging zelfs zover dat hij het kwaad droeg aan het kruis. Zijn leven gaf voor mensen die Hij goedgezind was, hoewel zij Hem dood wilden hebben. Het grootste, meest zichtbare, tastbare Woord van God was, dat van leven, liefde en verzoening sprak, bewees zelfs. Hij kwam zelf naar beneden, ook om jouw liefde voor Hem op te wekken.
En de apostel Paulus zei: 2 Tim 2:13
“Als wij volharden, zullen wij ook met Hem [Jezus] heersen;
Als wij Hem verloochenen zal Hij ons ook verloochenen.
Als wij Hem ontrouw zijn, blijft Hij ons trouw, want zichzelf verloochenen kan Hij niet.
Hij blijft trouw. Want zichzelf verloochenen kan Hij niet. Op zijn verbondsbeloften komt Hij niet terug. Op Zijn beloften aan jou ook niet. Hij is zelfs bereid om je leven door dalen heen te leiden om jou in en van die beloften te laten delen. Hij laat het er niet bij zitten. Hij haalt je terug, ook als je weggelopen bent van huis. Hij doet er alles aan, om jou te laten zoeken, te laten verlangen naar Hem. Om je leven om te gooien, je te wenden tot Hem.
Mooi is dat he. Dat is anders dan: om jezelf trouw te zijn moet je de ander soms ontrouw zijn. Bij God is dat onmogelijk. Hij zou zichzelf ontrouw zijn als hij ons ontrouw zou zijn. Dat is toch verbijsterend. Als je kijkt hoevaak Israël het verpeste. En jij. En zelfs als je het nu nog in je hart hebt om ontrouw te zijn - Hij blijft trouw. Dat kan ik niet begrijpen. Zo’n geduld, zo’n liefde, zo trouw - dat is God alleen. Dat kan ik alleen verwonderd aanbidden.
Oproep tot bekering (2)
Dat is Gods ongekende gang. Hij gaat door en door. Hij laat het er niet bij zitten als jij weggelopen bent. Vanochtend roept Hij je terug. En als je moet zeggen: ja,ik ben de weg kwijt, misschien al wel heel lang, zoek Hem dan toch. Ga dan vandaag nog op je knieën voor Hem, en zeg het maar gewoon, ook als jij je helemaal niet wilt bekeren. Daar weet Hij ook wel raad mee. Zijn Geest is machtiger dan jouw onwil. Maar je moet wel komen. Je kunt niet achterover leunen met het idee dat God Zijn belofte aan jou ook wel waar zal maken. Dat is niet hoe het werkt. Dat is levensgevaarlijk. Je wil toch niet eeuwig in de duisternis zijn, ver weg van de HEER? Kom toch, keer je toch om. God verlangt naar je. Hij wil in een exclusieve relatie met je leven, een relatie van liefde en trouw. Jezus heeft het definitief laten zien. Zijn liefde en genade zijn blijvend, groter dan uw kwaad, uw ontrouw. En zijn aanpak treft doel.
1 God gaat zijn ongekende gang vol donkere majesteit;
die in de zee zijn voetstap plant en op de wolken rijdt.
2 Uit grondeloze diepten put Hij licht, en vreugde uit pijn.
Hij voert volmaakt zijn plannen uit, zijn wil is soeverein.
3 Geliefden Gods, schept nieuwe moed, de wolken die gij vreest,
zijn zwaar van regen, overvloed van zegen die geneest.
4 Zoudt gij verstaan, waar Hij u leidt? Vertrouw Hem waar Hij gaat.
Zijn duistere voorzienigheid verhult zijn mild gelaat.
5 Wat Hij bedoelt dat rijpt tot zin, wordt klaar van uur tot uur.
De knop is bitter, is begin, de bloem wordt licht en puur.
6 Hoe blind vanuit zichzelve is het menselijk gezicht.
Godzelf vertaalt de duisternis in eind’lijk eeuwig licht.
Amen
