Wat als God je vader is...

Identiteit  •  Sermon  •  Submitted   •  Presented
0 ratings
· 4 views
Notes
Transcript

Inleiding - Olifant /

Een groep mensen krijgt een blinddoek om en mag een olifant betasten. Wie de slurf vastpakt, zegt: ‘Een olifant lijkt op een slang.’ Wie tegen zijn zij staat, zegt: ‘Nee, op een muur!’ Een ander voelt een poot en denkt aan een boomstam; wie het oor aanraakt, beschrijft het als een dikke leren lap. Ze krijgen discussie: ieder is overtuigd van zijn eigen beschrijving. Allemaal hebben ze iets werkelijks gevoeld, maar niemand heeft het hele dier overzien.
Op het schoolplein staan drie kinderen op te scheppen over hun vader. ‘Mijn vader is zó sterk, die tilt mij met één arm op!’ ‘Nou en? Mijn vader is brandweerman. Die gaat een brandend huis binnen!’ De derde kijkt hen even aan en zegt dan: ‘Maar míjn vader is politieman. Die kan jullie vaders allebei arresteren!’ Je hoort ze bijna denken: als je weet wie mijn vader is, weet je ook iets over mij.
—> deel twee zakjes met lego-blokjes uit

Het karakter van Vader

Ephesians 3:14–19 NBV21
14 Daarom buig ik mijn knieën voor de Vader, 15 die de vader is van elke gemeenschap in de hemelsferen en op aarde. 16 Moge Hij vanuit zijn rijke luister u innerlijke kracht en sterkte schenken door zijn Geest, 17 zodat door uw geloof Christus kan gaan wonen in uw hart, en u geworteld en gegrondvest blijft in de liefde. 18 Dan zult u met alle heiligen in staat zijn de lengte en de breedte, de hoogte en de diepte te begrijpen, 19 ja de liefde van Christus te kennen die alle kennis te boven gaat, opdat u geheel vervuld zult raken van de volheid van God.
God is de oorsprong van alles. Alle mensen zijn aan hun Schepper verantwoording verschuldigd. Ook de hemelse wereld valt onder zijn gezag.
Je aardse vader heeft invloed op je beeld van vaderschap, maar Gods karakter is de maatstaf waaraan vaderschap wordt getoetst. Een liefhebbende vader kan iets van Hem laten zien; het tekortschieten van een vader definieert niet wie God is.
Naamgeving drukt gezag uit. Dat iedere familie haar naam aan Hem ontleent, onderstreept volgens Gods positie tegenover zijn schepping: Hij staat boven iedere denkbare groep of macht.
Dat geeft vertrouwen in het gebed. Paulus vraagt in vers 16 om innerlijke kracht. Vers 15 laat zien waarom hij die kracht van God verwacht: de Vader tot Wie gelovigen toegang hebben, is machtiger dan de geestelijke machten die hen tegenwerken.
Aanwezigheid, aandacht en betrouwbare liefde van vaders ertoe doen.
Iets over psychologie...

De acties van Vader

Verbinding

Genesis 3:8–9 “8 Toen de mens en zijn vrouw de HEER God in de koelte van de avondwind door de tuin hoorden wandelen, verborgen zij zich voor Hem tussen de bomen. 9 Maar de HEER God riep de mens: ‘Waar ben je?’”
Als het misgaat met de zondeval, verstoppen Adam en Eva zich voor de Heer. Zijn vraag “Waar ben je?” is niet alleen omdat God niet weet waar ze zijn, maar ook in de bedoeling: “Waar blijf je...?”
Johannes 3:16 “16 Want God had de wereld zo lief dat Hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.”

Adoptie (Romeins concept)

Romeinen 8:15–16 (NBV21 + ESV)
“15 U hebt de Geest niet ontvangen om opnieuw als slaven in angst te leven, u hebt de Geest ontvangen om Gods kinderen te worden – door Hem roepen wij God aan met ‘Abba, Vader’. 16 De Geest zelf verzekert onze geest dat wij Gods kinderen zijn.”
15 For you did not receive the spirit of slavery to fall back into fear, but you have received the Spirit of adoption as sons, by whom we cry, “Abba! Father!” 16 The Spirit himself bears witness with our spirit that we are children of God, 17 and if children, then heirs—heirs of God and fellow heirs with Christ, provided we suffer with him in order that we may also be glorified with him.
Paulus vergelijkt bij Gods gezin horen met adoptie, iets wat de Romeinen goed kenden. Bij hen werd vaak een volwassene geadopteerd om de familienaam voort te zetten en de erfenis te ontvangen. Paulus legt uit dat God mensen die in Jezus geloven een volwaardige plek geeft in zijn gezin, met alles wat daarbij hoort. Door de Heilige Geest mogen zij God ‘Abba, Vader’ noemen en erop vertrouwen dat ze zijn kinderen zijn, in plaats van als slaven in angst te leven. Dat geeft hun een nieuw begin, helpt hen om vandaag als Gods kinderen te leven en biedt uitzicht op een toekomst waarin God ook hun lichaam nieuw maakt.
Hij is jouw Abba:
vertrouwen, verbondenheid en de vrijheid om God als zijn kind aan te spreken.
Paulus plaatst dit tegenover slavernij en angst.
De warmte komt dus vooral uit de relatie en de context, niet uit een bijzondere kooswoordbetekenis
Hij plaatste je in zijn gezin
met alle heiligen
Bij Gods gezin horen krijgt gestalte wanneer we elkaar ontvangen, verdragen en helpen.
Je draagt Zijn naam
Voorbeeld:
“de Maa” - op de lagere en middelbare school
Studiebol - door m’n oudste broer
Krentenbol - omdat ik veel puistjes had als tiener
Jubel (naar Japie Jubel van Willem de Vink) op de Trainingsschool van Jong en Vrij

Jakob als voorbeeld

Genesis 27: Jakob zoekt de zegen van zijn vader terwijl hij zich voordoet als Ezau.
Genesis 32:27–29 “27 Toen zei de ander: ‘Laat mij gaan, het wordt al dag.’ Maar Jakob zei: ‘Ik laat u niet gaan tenzij u mij zegent.’ 28 De ander vroeg: ‘Hoe luidt je naam?’ ‘Jakob,’ antwoordde hij. 29 Daarop zei hij: ‘Voortaan zal je naam niet Jakob zijn maar Israël, want je hebt met God en mensen gestreden en je hebt gewonnen.’”
Nu noemt hij zijn eigen naam. Leg de vergelijking uit als toepassing van de twee verhalen.
Vraag: "Waar probeer ik aanvaarding te krijgen door iemand te zijn die ik niet ben?”
God ontmoet Jakob midden in zijn werkelijke geschiedenis. Hij ontvangt zegen en een nieuwe naam, met een plaats in Gods verbond en toekomst. Tegelijk blijft hij iemand die gevormd moet worden.

Afsluiting

Geef ruimte voor drie vragen:
Welke woorden over mijzelf draag ik mee?
Welke daarvan moet ik toetsen aan wat God in de Zijn Woord zegt?
Welke stap past deze week bij leven als zijn kind?
Nodig vaders uit tot een concrete daad van aandacht, bemoediging of herstel. Een oprecht excuus kan daarbij horen.
‘Aanvaarden wat er was, rouwen om wat ontbrak en waarderen wat goed was.’
Related Media
See more
Related Sermons
See more
Earn an accredited degree from Redemption Seminary with Logos.